Schouderpijn

Schouderpijn is de derde meest voorkomende musculoskeletale klacht in Nederland.

Onder werkende mensen is schouderpijn de meest voorkomende klacht aan het bewegingsapparaat: 18-34% van hen krijgt schouderpijn.

Subacromiale schouderpijn (pijn die ontstaat tussen het schouderdak en de schouderkop) wordt gekenmerkt door pijn in de schouder en/of bovenarm die zonder duidelijke reden geleidelijk ontstaat en toeneemt bij activiteiten die boven schouderhoogte worden uitgevoerd. Deze klachten kunnen leiden tot ernstige beperkingen in het dagelijks leven, zoals problemen bij activiteiten als aankleden, eten, werken, persoonlijke hygiëne en slapen, en verergeren bij bovenhandse activiteiten en tijdens de nacht.

Een grotere mate van beperkingen en langere duur van de klachten zijn factoren die zorgen voor een trager herstel. Bij werkende mensen zijn een hogere mate van pijn, een leeftijd tussen 45 en 54 jaar, repeterende bewegingen, zwaar tillen, werkhoudingen (bv. langdurig in dezelfde houding), vibraties en hogere psychische werkdruk factoren die zorgen voor een trager herstel.

Bij de meerderheid (circa 75%) van de patiënten met schouderpijn blijkt een conservatief beleid tot voldoende resultaat te leiden. Het doel van de fysiotherapeutische behandeling bij subacromiale schouderpijn is het verminderen van de pijn, het verbeteren van de schouderfunctie, het verminderen van beperkingen in activiteiten en het beïnvloeden van factoren die een rol spelen in het herstel. De inhoud van de fysiotherapeutische behandeling  bestaat uit oefentherapie en kan worden aangevuld met mobilisaties en manuele therapie. Onderzoek heeft laten zien dat 60% van de patiënten die voor deze klachten bij een fysiotherapeut komt na 6 maanden volledig is hersteld van de schouderpijn. Mensen die worden verwezen naar de fysiotherapeut krijgen bovendien minder medicatie voorgeschreven.

 

schouderpijn